De ammoniet

Tot zojuist wist ik niet hoe doorgesneden fossielen van slakkenhuizen heten die J vanmorgen meebracht. Wij, L en ik, waren als rechtgeaarde steenbokken pas jarig geweest en kregen elk zo’n prachtig doorgezaagd exemplaar. Maar ze verbond er de voorwaarde aan dat we de helft doorgaven. Nu vormen A2 en ik samen één slakkenhuis. Mooie symboliek want we zijn echt wel maatjes.

De wandeling was nat. We sopten door het bos. Maar zoals elke keer viel er weer iets nieuws te ontdekken. L kent in Austerlitz blindelings de weg en gidste ons een stuk van het pad af. We bereikten een sparrenwoud door gefilterd licht, over verende bodem vol met naalden en felgroen mos. Never a dull moment op de vroege zaterdagmorgen. We memoreerden maar weer eens met verwondering dat we al drie-en-een-half jaar zo bezig zijn en stuurden bakken positieve energie naar A1 om haar uit de lappenmand te trekken.

Nog geprobeerd om advertenties af te maken waaraan ik bezig ben, maar na het inslaan van etenswaren had ik geen puf meer. De uitzending van O’Hanlon in Rusland gekeken die we hadden gemist. Ik ben gek op die man. Heb indertijd ook zijn boeken over Borneo, Orinoco en Congo verslonden. Verse sardinen op de grill gelegd. Matig lekker uitgevallen. Er bleven rottige graatjes inzitten. Alweer een dag niet gesnoept, maar het helpt verdraaide weinig.