Terug naar Log

08-07-2001: "'t Otootje(2)"

Soms breekt het zweet me uit bij het idee hoe wij ons verplaatsten. Dank aan alle heiligen uit hemel en aanverwante heerlijkheden dat we geen noodstop hebben hoeven maken. Mijn vader zei vaak achteloos: hard rijden is geen kunst maar hard remmen is een prestatie, en hij kon het weten.

De wegen waren begin jaren zeventig nog rustig. Autogordels, kinderzitjes, maximum snelheid, air bags en kreukelzones nog toekomstmuziek. Een fiat 500 was al getipt als meest onveilige wagen maar geen hond die hiervan wakker lag. Wel werd je de berm ingedrukt als je niet als een motorfiets links hield in de rechterbaan want bolides passeerden jou liefst in formaties van twee.

Omdat het motortje achterin zat was er geen kofferbak. Onder de motorkap was een holletje waar je, als ik mij goed herinner, een kip in kon braden. Op de achterbank pasten precies twee kinders met twee teckeltjes tussen hen in. Bagage werd in de beenruimte van de passagiersstoel gestouwd of er op gestapeld. Als er meer spullen waren dan plaats schoof ik die voorstoel eruit en liet hem thuis. Als ik hieraan terugdenk krijg ik kippenvel.

Zo tuften we dan op onze manier ook plank-gas naar Friesland als hus nog geen vrij had en later kwam met een echte auto. Bij Naarden het zeegat uit, zal ik maar zeggen en dan een kaal eind langs de dijk waar we altijd van de sokken woeien. Als de jongens ruzie gingen maken en elkaar stopmpten begon ons wankel evenwicht gevaarrlijk te kwispelen. Dan loeide ik als een orkaan of ze hun kop wilden houden.

Eenmaal over de Ketelbrug waanden we ons op de mijlpaal naar een beter leven. Daar rolden we ontspannen de helling af naar het benzinestation waar de wegenwacht zat. Storm voorbij, haven gehaald. We lieten gratis het altijd lekkende dakje plakken en als er niets te repareren viel stopten we toch om de benen te strekken.

Op de heenweg was het nooit druk, terug des te meer omdat iedereen zondagsavonds naar Holland reed. Dan zaten de jongens bij pa in de auto om mij het kwispelen te besparen. Als een bodyguard bleef hus aan mijn bumper kleven opdat niemand mij onverantwoord zou passeren op de smalle dijk, en met wind in de rug waren we naar mijn gevoel nog best snel thuis.

 

 

 

 

Site Meter