Terug naar Log

08-10-2001: "Onbehaaglijk(2)"

Het tweede noodweer viel aan het einde van woelige dagen waarin wijzelf storm in een glas water veroorzaakten. We namen deel aan platbodemdagen en hadden ons ook voor de wedstrijd ingeschreven. Op de wedstrijddag was het weer zo slecht dat men besloot het parcours voor de kleintjes zoals wij in te korten. We verlieten Volendam in het startschot en woeien al snel voor de concurrentie uit. Behalve extra bemanning hadden we ook de kinderen aan boord, waardoor de aandacht voor de omgeving soms even verslapte. Zo misten wij de boei van het verkorte parcours wat we bij Pampus pas ontdekten en zeilden gereefd en laverend de te lange route terug. We vielen net voor donker uitgeput binnen en begrepen niets van de stuurlui aan wal die ons deels opgelucht, deels woedend verwelkomden. We bleken diner en prijsuitreiking uren te hebben opgehouden. Niemand durfde het feest te beginnen voordat we levend binnen waren. In plaats van respect of poedelprijs viel ons diskwalificatie ten deel.

Na deze ontnuchterende ervaring kropen we lacherig op naar Hoorn om vandaar de oversteek naar Friesland te wagen. Hoorn - Stavoren leek goed te doen ook al omdat er een veerpont op die route ging wat ons morele steun gaf. Op open zee viel het niet tegen maar toen we onder Stavoren kwamen werd het kermis in de hel.

Telkens als het schip tussen twee golven naar beneden dook klapte het op het zand. Binnen een kwartier was de kajuit één ravage. De magneten van kastdeurtjes waren tegen zoveel geweld niet bestand evenmin als de scharnieren van de tafel. Potten moccona en cacao wipten hun holletjes uit en vielen aan gruzels. Flessen braken hun nekken en pakken scheurden open. Toen Hendrik jankend buiten kwam omdat hij zijn kooi was uitgesmakt, Tsja gierend van paniek overboord wilde springen viel er niets anders meer te doen dan ook de hondjes buiten halen, de kajuit voorgoed vergrendelen en de levende have aan het schip vastbinden.

Hoe hoog is de mast, vroegen we Tsja, en hoe diep is het water? Hij begreep de vraag want tellen kon hij wel. Meters genoeg om je aan vast te grijpen als we zinken. Uit niets lieten we blijken dat wie vastgebonden zat ook onder het schip terecht kon komen en bij elke klapper stond ik op scherp om de sliplus te laten schieten.

Nooi zal ik vergeten hoe we in Staveren werden begroet door mannen die onze manoeuvres door verrekijkers hadden gevolgd. Ze namen ons ontroerd in de armen. Eerst gingen we lekker eten, daarna kochten we scharnieren, magneten, emmers, dweilen en vuiliszakken. Er was geen verdere schade. Maar dat het Vrouwenzand al eeuwen berucht is en gevreesd, dat vele schepen er voor het oog van de vrouwen vergingen, kunnen we sindsdien beamen.

 

 

 

 

Site Meter