
Dacht ik waarempel dat ik van alle muziekinstrumenten hield, maar vanavond een elektronisch klavecimbel aanhoord met een virtuoos spelend mens erachter. Elisabeth Chojnacka die al een indrukwekkende carrière achter zich heeft. Virtuoos inderdaad, de Khoaï van Iannis Xenakis, maar hoe mooi klavecimbel kan zijn, van het elektronisch kreeg ik stekels op mijn rug.
Fascinerend was het soloslagwerk van Arnold Marinissen. Whaw! Psappha van dezelfde componist. Hoewel ik Xenakis niet makkelijk vind kon ik geboeid naar hem luisteren. Spectaculair was de Persephassa, ook van Xenakis, voor zes slagwerkers. Dan blijkt de arena-achtige zaal in Vredenburg onovertroffen. De zes stonden verspreid op een hoge omgang waardoor het machtige geluid van alle kanten kwam.
Nu lekker weer thuis achter een kladje bobbeltjesdrank van gisteren met een stukje sappigmodderige appeltaart. Ik ga graag uit, maar kom ook altijd graag weer thuis. Geloof het of niet, maar dit staat ook in mijn hand geschreven.
Stekels op de rug, dat is nog niets vergeleken bij de medische symptomen die ik krijg bij het moeten aanhoren van al die elektronische huishoudapparaten die voor muziekinstrumenten moeten doorgaan. Ik zal beleefd zijn en u de details besparen ;-)
maar ik word juist reuze nieuwsgierig naar die details...