
Natuur herstelt zich, dat is zeker. Opengevallen plekken zullen snel weer worden ingenomen. Het altijd zo levendige rhodobos is volslagen leeg. Geen fladdertje meer te bespeuren terwijl het er altijd bij zonsondergang zo levendig is. Gevlucht of gesneuveld, that's the question.
Voor het eerst sinds jaren geen merel op de nok van het dak om ons een goede avond toe te zingen. De stilte voelt zwaar en drukkend. Alleen het boomklevertje zoekt af en toe de douglasstam nog af naar eten. Het vogeltje heeft goede dekking in de spleten van de oude stam.
Alles naar uitwerpselen afgespeurd en op één plaats keutels gevonden die te groot zijn voor konijn, plus een gegraven gat waarin kortgeleden nog was gepist. Maar voordat ik de keutels goed kon kijken had Beer ze al opgegeten, verdorie. Smerige hond die mijn spel heeft bedorven. Voetafdrukken zijn niet te vinden op het droge zand vol dennennaalden.
Info over marterachtigen gezocht. Ik heb de dieren niet kunnen zien maar boom- of steenmarter zou beide kunnen. Goede springers. Steenmarter kan ook goed zwemmen. Toeval of niet, er zit geen salamander meer in de vijver. Maar die kunnen na het paren ook gewoon vertrokken zijn in het glimmende licht van de volle maan.
We hebben wel eerder marters gehad, jaar of tien geleden. Oude nachtkijker tevoorschijn gehaald en me een uitkijkpost bedacht. Niet dat dit zin heeft want waar de buit al op is valt weinig meer te jaren. Ze hebben uitgestrekte jachtgebieden en gaan vannacht vast een erfje verder. Behalve rijpe vruchten (die we nog niet hebben) blieven ze muizen, kikkers, jonge vogeltjes en mals konijn. Aan padden en egels zullen ze zich wel niet vergrijpen.
Ze schijnen in spechtennesten of konijnenholen te leven, onder takkenbossen of in stenen schuurtjes. Al deze voorwaarden zijn hier ruim voorhanden. Afschieten mag niet want ze zijn beschermd. Maar nergens ben ik afbeeldingen van keutels tegengekomen en uitwerpselen zijn, als ik mij goed herinner, herkenningsteken nummer één.