Naar Bandhavgarh Nationaal Park
Bibberend om 6:15 uur uit de veren. Wat veren? Zwaar vervilte paardendekens zal je bedoelen van enige kilo's per stuk. We hadden er drie gekregen voor twee personen, maar ik had zelf mijn blauwe fleece plus dus de nieuwe omslagdoek die 's-nachts ook voor deken speelt.
Miep&Co hebben zich gisteravond in dit veel te luxe hotel laten masseren. Toen wij thuiskwamen van internetten zat Co als een geknakt musje met twee donkerblauw gemasseerde armsen in de hal omdat Miep onderhanden werd genomen. Ach Co, riepen wij medelijdend, het zit jou ook niet mee! In Delhi (of Orchha, daar wil ik vanaf zijn) werd ze al door een koe op de hoorns genomen toen zij het beest in de weg liep. Niet dat het rund haar bezeerde, maar ze schrok natuurlijk wel. Dat heb je, hè, als je nog geen veertje weegt en maar weinig spek over de botjes hebt. De masseuze was ook wel geschrokken van al dat blauw waarin Co zo snel was uitgeslagen.
De rit naar het Bandhavgarh Nationaal Park bedroeg 240 kilometer maar ik geloof dat we een gemiddelde snelheid haalden van 10 km per uur omdat ze aan de weg werkten. Om 07 uur uit Khajuraho vertrokken, kwamen we er rond 17 uur aan. Ontbijtpauze gehouden in een Midway waar Tien kwijtraakte omdat ze de foute kant was uitgelopen. 's-Middags een plasstop naast de bus zonder struik of geboomte, tegen half drie aan de warme hap van brood met gesmoorde groente en dhal

in een lokaal eethok waar eerst iedereen moest worden weggejaagd voordat wij er met z'n zestienen pasten. Je gelooft het niet, maar het hele dorp liep uit om naar ons te kijken.
In het hotel aangekomen als een blok op de ijzige kamer in slaap gevallen maar dit hotel is een stuk gastvrijer dan het dure. Er is tenminste een blower. ‘s Avonds koken ze een buffet. Gewoonlijk heb ik daar de pest aan, maar dit was eenvoudig, niet teveel, en lekker. JW viel tijdens het volscheppen van zijn bord ineens bijna van de graat. Adviezen om suiker te eten sloegen nergens op want in de bus hadden we de hele dag zoete koekjes, cakes en snoepjes geknaagd. Zout tekort, was onze eigen diagnose. Naar bed met geleende ORS (de onze zit in mijn kwijte koffer) en een flinke bel whiskey.
Het park is slechts 450 vierkante kilometer groot maar heeft de hoogste tijgerdichtheid van de wereld. Er schijnen er 50 te leven terwijl er ook een stuk of 20 luipaarden rondstruinen. Ze hebben er genoeg te eten. Naar men zegt zijn er ook 250 verschillende vogelsoorten waaronder enorme gieren. We zagen ze massaal boven de vestingwallen cirkelen van het imposante fort dat op een van de bergkammen ligt.
JW en ik zien af van de ochtendexcursie naar de tijgers want om half vijf opstaan (of daaromtrent) is ons te gortig. Niet dat we kunnen uitslapen, want als de ploeg dauwtrappers vertrokken is grijpen de apen hun kans. Ze springen vanuit de bomen op de daken van plaatstaal en zitten elkaar als een gek achterna. Telkens als we weer zijn weggedommeld schrikken we op van het boink boink boink. We hebben vanuit onze kamer een prachtig uitzicht en slenteren rond een uur of tien naar het dorp.
In de middag ga ik samen met Mari op excursie die een Engelse gecharterd heeft uit een naburig hotel. Zij heeft kennis aan een jeepchauffeur en rond 13 uur vertrekken we. We zien ernorm veel wild. Grote en kleinere herten, wilde zwijnen, apen, uilen en een hele variatie aan vogels. We horen zelfs hoe op een paar meter afstand een tijger (of luipaard) een jong hertje te grazen neemt. We horen de aanvaller brullen en zijn prooi gillen terwijl de moeder van het jong jammert of haar wereld vergaat, maar een dichte haag bamboe ontrekt het tafreel aan onze blik.
Wat telkens weer opvalt is dat apen en herten elkaars gezelschap zoeken. Apen kunnen vanuit de bomen het terrein ver overzien en slaan meteen alarm als ze onraad merken, maar ik ben vergeten welk voordeel de aap van het hert heeft. Uiteindelijk, helemaal op het laatst want het tijgeren is naadje pet, rijden we naar de plek waar Mari smorgens ook al een tijger heeft geobserveerd.
En ja, daar ligt de op één na hoogste koning der dieren op zijn gemak aan een bokje te kluiven. Daarna begint hij groot, majesteitelijk en kalm zijn snorren te poetsen of hij een huiskat is. Hoewel ik vaak genoeg dierentuintijgers heb gezien, laat ik mij overrompelen door zijn omvang. En door zijn prachtige print van zwarte strepen. Er staan minstens vijftien jeeps op een kluitje en de mensen verdringen elkaar op een plek waar je je kont niet kunt keren. Men klimt bij elkaar aan boord om maar beter te zien en te kieken.
Ik beken: een tijger in het wild is veel opwindender en heel wat mooier dan een tijgerende tijger langs de hekken van een dierentuin.