« De Qutb Shahi tomben in Golconda | Main | Het valt, het valt »

Bijapur, een ontspannen oase

Vroeg uit Hyderabad vertrokken want de weg naar Bijapur zou negen uur lang zijn en meer geplaveid met hobbels en bobbels dan met rozen. Het Deccan plateau was landschappelijk prachtig. Glooiende akkers met katoen of pinda's, afgewisseld met rijstvelden en boomgaarden met bananen of mango's. Rotsblokken die overal uit het landschap steken. Blauwe lucht. Helder licht. Maar de dag was lang.

De bus die we vanaf Hyderabas hadden was krap. Troffen we op de voorgaande trajecten steeds (te) ruime bussen wat heerlijk was, in deze was geen passagiersplek over en de bagage moest op het dak. De achterbank, die wij vandaag vrijwillig hadden gekozen, viel op de hobbelwegen niet mee. Behalve dat we steeds ons hoofd stootten tegen het verlaagde plafond, dwong het gehobbel ook tot extra plasstops in de vrije natuur wat de rokers niet onplezierig vonden. Maar het was reuze prettig om rustig te kunnen plassen en niet meer te hoeven roken.

Het zou kunnen dat we op deze dag (ik weet het niet meer precies) ontzettend smerig ontbeten. We lieten een schoon ogende ontbijtplek (met dosa's, idli en pooha) schieten omdat we nog te weinig kilometers hadden gemaakt. Tegen een uur of half elf werd het, ook voor de chauffeur, de hoogste tijd. Hij kon niets anders vinden dan een eettent met tuin, waar in het midden een lange tafel stond. Deze was gedekt met de vuilste tafellakens die ik ooit in India heb gezien, maar het dorp was zo klein dat we niet konden weglopen. Er was geen concurrentie.

Henk smeekte ons vanwege tijdswinst alsjeblieft allemaal hetzelfde te bestellen, wat we niet van harte deden. Sommigen bestelden niets. Die bleken later het beste uit. Maar vooruit, ik weet niet meer of het ommelet, scrambled eggs of gebakken eieren waren maar het duurde uren voordat we iets kregen. Toen kwamen er hompig gesneden boterhammen die in geklopt ei waren gedrenkt en als zodanig slap gebakken in het vetste vet dat voorhanden was. Vier halve sneden per bord. Ow. Yek. Ik probeerde mijn portie nog aan de grote mannen te slijten maar zelfs Bert, mijn gewoonlijk gretige vuilnisbak, was deze extra hap te veel.

Theestop gehouden in een geheel opgebroken dorp waar wegdek en infrastructuur werden vernieuwd. Over file gesproken en over stoffigheid want elk wiel dat passeerde spiraalde een wolk fijnstof omhoog die zijn weerga niet kende. Hoestend en proestend een tsjai bemachtigd en op straat lemoentjes en gemberwortel gekocht. Er viel weinig anders te beleven dan dat de groep mannen die onze groep en onze bus vijandig gadesloeg, steeds groter en dreigender werd met smeulende ogen.

Bijapur bleek een plaats waar we ons wel een week hadden kunnen amuzeren. Om te beginnen hadden we er het leukste hotel van de reis (Hotel Madhuvan International) met een voortreffelijk restaurant waar je voor geen geld een heerlijke thali kon laten maken. Een pulav kashmiri (gekookte rijst met vruchtjes) werd in hartvorm opgediend, gegarneerd met verse stukjes ananas. Hoezo, eet geen fruit dat door anderen is schoongemaakt? Hij was heerlijk.

We hadden ons in de koele vroegte met een riksjaw naar diverse monumenten laten rijden waaronder het mooie grafmonument van Ibrahim II dat hij voor zijn vrouw had laten bouwen. Maar hij stierf eerder en ligt er ook. We zagen de Jami Masjid met de marmeren vloer die verdeeld is in 2200 vlakken alsof het gebedskleedjes zijn. Deze moskee trekt nog altijd 2000 gelovigen tijdens het vrijdaggebed. En naar Bijapur's pronkstuk: de Gol Gumbad die - op de Sint Pieter in Rome na - de grootste koepel ter wereld heeft, met een doorsnee van 44 meter. De koepel wordt gedragen door acht overlappende bogen met tussenliggende pendentieven. Die overlappende bogen hadden we deze reis al vaker gezien, onder andere twee dagen terug in in het Golconda Fort.