« Tien tegen een | Main | Moederen »

IM Pavarotti

Wie is er toch ooit op de onzalige gedachte gekomen dat wij zo nodig met z'n allen (het huidige toverwoord van tegenwoordig) deze bebaarde dikbuik op tv moesten zien en via het kijkglas in zijn gouden strot moesten kijken? Dat was bepaald geen esthetisch genoegen, zoals hij daar stond te schmieren, ook al kwam er een ongekende pracht vanachter dat blikkerende gebit vandaan met de kilometers lang aangehouden hoge C die zo kenmerkend was. Whoea!

Wat kan het ons verder met z'n allen schelen hoeveel blikken caviar of maitresses hij achter elkaar wist leeg te lepelen? Pavarotti moest je vooral niet zien. Je moest hem alleen maar horen met die olijfgeoliede, zachtgevooisde, soepelste aller stemmen die uit volle borst vanonder de dampende douche vandaan leek te komen. Belcanto optima forma, zonder dat het hem of ons met z'n allen zou hebben moeten kunnen schelen wat hij nou eigenlijk precies aan teksten zong. Hij was de man van de prachtige klanken.

Wat stijfjes zwaaiend met zijn witte pochetje (wat moet je anders met die kolenschoppen?) vormde hij - met de ogen naar binnen gericht - de welluidendste vocalen. Waar de tekstbewustere Carreiras hoog op de tenen naar adem moest snakken, de muzikalere Domingo voorzichtig een streepje downer ging, raakte Pavarotti met zijn bijna joelende uithalen onze primitiefste gevoelens. Met zo'n strot lijkt zingen helemaal niet moeilijk! En met zijn volume beukte hij al bij leven op de hemelpoort.

Zal hij nodig hebben. Pavarotti is niet meer.