
Bij het opschonen van de jonge aanplant rhodo's kwam er natuurlijk een padje tevoorschijn. Ben altijd bang om ze met hark of schoffel te verwonden, maar ik ken mijn pappenheimers onderhand. Ze blijven roerloos zitten in de hoop niet gezien te worden.
Omdat ik nog uren te doen had rond de struiken en het zo zielig voor hem vond, trok ik wat brandnetels uit die ik over hem heen drapeerde zodat hij zich niet meer bedreigd hoefde voelen. Ik ging weer aan 't werk, gluurde soms naar hem en zag dan een glimoog tussen de stengels. Geduld is een schone zaak en padjes hebben er veel van.
Ik weet nog dat ik als kind zat te wroeten in de tuin en dat de kluit die ik probeerde beet te pakken wegliep. Wonderlijke beesten, we hadden er toen veel in de tuin. Op ons balkon echter niets van dat alles. Alleen vriendelijke pissebedden.