
De wolken zijn samengekleefd tot een smoezelig dek en eindelijk valt er een zachte, maar gestage regen. Buiten is het kil, binnen is in de vroege morgen de verwarming aangeslagen. Ho even! Ramen open om vochtige lucht in te laten want het hout knarst en barst van droogte. Luchtvochtigheid al weken minder dan 20%.
Gisteravond de hele bulk aan tuinslangen, kriskras kunstwater leidend naar alle hoeken van het erf, opgerold. Lief pruttelde tegen dat we ze nog nodig konden hebben maar modderige slang vol aanklevend zand in bochten over je schouder hangen vind ik geen lekkere klus. Blijven ze liggen dan groeien ze vast in opschietende grassen en onkruid. Veel groen zal zich herstellen na enkele dagen regen. De heide bijvoorbeeld zit al weken in knop in afwachting van vocht.
Niet alleen de hazelnoten zijn voos, ook de eikels blijken nauwelijks vruchtvlees te bevatten. Onder de walnoot lagen gisteren drie vruchten nog stevig in hun bast. Buitenbolster er met een aardappelmesje nieuwgierig afgeschild. Het vocht kleurde mijn handen (en nagels) meteen zwartbruin en voorlopig is deze inkt er met geen borstel, puimsteen of citroen af te krijgen. Er kwamen nootjes tevoorschijn die na kraken miniatuurtjes bevatten. Die van de bittere schilletjes ontdoen zal, vrees ik, meer geduld vragen dan ik in voorraad heb.
Over geduld gesproken. Anderhalf uur van m'n avond besteed aan het telefonisch op orde brengen van andermans systeemmap. Het grootste probleem betrof niet zijn onkunde, maar het niet kunnen communiceren zonder zijn vragen waarom en tegengestribbel. Doe wat ik zeg!, riep ik tenslotte wanhopig. Na zes kwartier hing ik hem op om op adem te komen met een sjaggie buiten. Daarna belde hij jubelend dat zijn boeltje werkte. Hoe dat nou zo kon komen dat alles ineens weer liep, vroeg hij verbaasd, en wat hij verkeerd had gedaan om het zo in de soep te laten lopen.
elisa op 29 augustus 2003 om 10:34 uur