
Toen ik zondag een uitzonderlijk fraai glaasje uit de kast wilde pakken die niet vaak opengaat; mij daarbij een sliert spinrag om de neus vloog; de glazen niet stoffig maar grauw bleken te zijn en ik in de glazen verdroogde spinnen zag liggen, begreep ik dat er op korte termijn iets moest gebeuren.
U leest het goed, van die spinnen in de glazen. Bega nooit de misdaad die onze voormoeders maakten door glazen op hun kop in de kast te bewaren. Het helpt niet tegen stof. Je zult evengoed hun vuile voeten moeten wassen voor je ze gebruik. De misdaad bestaat hieruit dat de rand van de kelken beschadigd raken. Van die kleine fliedertjes eraf.
Knap wie dit ziet, zei laatst nog een vriendin. Je gooit toch zo'n prachtig glas niet weg vanwege één schilfer? Jawel doe ik dat. Met bloedend hart. Ik zou me rot schamen als iemand au! zou roepen omdat hij in gezellig schemer zijn lippen pijn deed aan mijn glas.
't Doet pijn aan 't hart maar schilfers moeten weg en glazen moeten op hun voeten staan. U snapt, ik sop. O zo.
elisa op 05 november 2003 om 12:48 uur