

Twee appelbomen in de wind
maken geen appels nog, mijn kind.
Want willen er appeltjes van komen
moeten er bloesems aan je bomen.

Twee bloesemdragers in de wind
zetten geen vruchten nog, mijn kind.
Want vruchten rijpen nooit aan bomen
als er geen bijtje is bijgekomen.

Twee vruchten rijpend in de wind
brengen nog geen geluk, mijn kind.
Dreiging alom en gewapende vrede;
de mensen vereenzaamd en moegestreden.

Twee vredesduiven op de wind
worden dagelijks neergehaald, mijn kind.
Wil je van vrede blijven dromen
plant dan toch maar die appelbomen.
(1978)
Prachtig