
Terug van een paar dagen weggeweest naar het noorden, terwijl H op huis, vee en Fiepje pastje. Hij legde elke dag noten neer, maar hoe hij ook op de uitkijk bleef hij kreeg Fiep, noch haar makker te zien bij de keuken. Terwijl de noten wel werden weggehaald. Wel zag hij ze een keer op de heuvel rondspringen.
Vlak voor de bui vanavond thuisgekomen. Zo groen als alles geworden was in die paar dagen! Het appelboompje in bloei, de eik naast het huis dik in blad, de walnoot een heel eind uitgelopen. Hoewel ik boel te doen had moest ik eerst even door het bos waar de lelietjes van dalen al beginnen te geuren.
Ik kijk wat hier en daar, hoor geritsel waarop ik verder geen acht sla, vind het eerste babydons van een geroofde boomklever-baby, zet koers naar de wijnbes om te zien of die al tekenen van uitloop vertoont.
Pats! Denappel rakelings langs mijn kop wat kan gebeuren. Maar een stuk of drie achter elkaar kan geen toeval meer zijn. Iemand is daarboven bezig. Eksters, kraaien? Ik doe een paar passen terug en tuur. Daar zit Fiep. Het kan alleen Fiep maar zijn die zich zo blootgeeft. Wil ze door mij worden gezien? Toeval? Verbeelding? Wat doet het ertoe.
elisa op 28 april 2004 om 21:50 uur