

In ruil voor de knuffels, waarvoor dank, doe ik nu dan maar aap uit de mouw.
Mijn maat is er niet op gebouwd bij u op schoot te komen zitten. Verder houd ik wel van een beetje afstand. Kan tricky zijn omdat daar de ruimte niet op is berekend. Ik samen met afstand is soms teveel van het goede.
Als stiefmam in de keuken Af! roept om eten voor ons te maken, ligt Beer lekker ruim naast het aanrecht terwijl van mij wordt verwacht dat ik mijn kont klem leg tegen de deur. Protest! Ga ik plat op mijn ellebogen terwijl ik mijn achterste laat staan. Neemt ze geen genoegen mee. Af! roept ze opnieuw want aan halve Affen doen we niet. Bewaar die grappen maar voor thuis. Ik geeuw. Ik geeuw van oversprong. Ik heb op dit moment geen thuis.
Vanaf gisteravond heb ik mijn weerstand laten varen. Het leven is hier niet al te beroerd. Ik krijg m'n hap en drank, m'n pretjes en verzetjes en volg stiefmam op de voet. Beer begint behoorlijk doof te worden dus ik heb de waaktaak naar me toe getrokken. Ik moet er alleen nog aan wennen dat niet elke zucht onraad is. Ze schrikken zich hier groen als ik mijn waffel opentrek. Sorry grapje.
Stiefmam heeft eindelijk door dat als ik mijn kop (boiiink!) op haar schoot leg, ik geen aai kom halen maar aanhankelijkheid kom brengen. Dat gepoezel aan mijn lijf moet ik niet hebben, behalve de rubberen borstel dan. Die vind ik gaaf. Ik heb haar vanmiddag luid blaffend en door mijn ellebogen zakkend uitgedaagd tot spel, maar ze heeft spieren van niks. Ze vroeg alleen maar, toen ik een tennisbal te min vond, waarom die reizende idioten geen speelgoed hadden meegegeven. Zie je het voor je, vroeg ik haar, een hond van twaalf met speelgoed?
elisa op 13 oktober 2004 om 17:31 uur