
Mijn hart huilt omdat de zo vertrouwde, veel te hoog gegroeide berk vandaag wordt geknot. Hij was door zijn enorme gestalte vatbaar voor harde zomerwinden. Ook al omdat zuidwestelijke buren al hun hoge bomen hebben weggerooid krijgt hij bij storm de volle mep wind.
Van alle bomen is deze berk met zijn wonderlijk vertakte takkenstelsel mij het liefst. In de vroege zomer dient hij met zijn ritselend bladerdek net uitgevlogen mezen tot toevlucht die van hieruit hun eerste tochtjes ondernemen. Jonge spechten tikken graag op de takken, en de duiven soezen er graag een uurtje na het baden in de schaduw.
Toen we hier kwamen wonen werd deze berk al hoofdschuddend door een boomspecialist bekeken die hem het liefst meteen had gekapt. Laat nog maar even staan, zeiden wij, want we vonden hem prachtig. Dit is een kwart eeuw geleden. Elk jaar is hij toch weer een beetje hoger geworden. Als hij nu met de wind mee valt komt hij het huis makkelijk binnen.
Sorry berk, niets aan te doen. We proberen door knotten je leven te rekken maar meer valt er niet meer te redden.
elisa op 25 november 2004 om 09:48 uur
Berken zijn immens taai. De onze staat na een gruwelijke aanvaring met een motorzaag drie jaar geleden alweer olijk in het rond te spruiten. Alles komt goed.