
Hoe gaat het met I?, vroeg G.
Geen idee, zei ik naar waarheid, want ik heb haar in geen vijf maanden meer gezien.
Da's knap, zei G gevat, iemand vijf maanden niet zien die pas drie maanden oud is.
Zo voelt het, zei ik. Maar oke, een dag of veertien was het welgeteld.
En, wat denk je daaraan te gaan doen?, vroeg G.
Dit was een goeie van haar.
Haar lekker ontvoeren, dacht ik.
't Is ondertussen geregeld.