
Het duivenpaar zet door. Een van de twee behoort tot het nageslacht van wijlen duivin Dagmeid en is in deze witteregenboom uit zijn ei gekropen. Ze restaureren het nest. Doen tenminste alsof. Vliegen nog onhandig af en aan en hebben moeite om de nu dichtbegroeide boom binnen te vliegen.
Ik wied onkruid en geniet van het typische geluid van hun krachtige vleugelslag. Ze scheren brutaal dicht over mijn hoofd. Als ze het erf verlaten of binnenkomen klapperen ze met hun vleugels. Ze kunnen binnen een paar seconden een enorme snelheid ontwikkelen met een flinke luchtverplaatsing. Een houtduif is veel groter en krachtiger dan een stadsduif.
Gisteren klonk van boven uit de boom het zachte ingehouden gekoer van verliefde duif. Een driemaal herhaald 'roe-koe-koe roe-koe'. Ofwel in mensentaal: Ik groet u, mijn lief. Met na de derde regel altijd het woord 'stop!' als slotaccoord.
elisa op 08 juni 2005 om 16:14 uur