
Onze grote blauwe kees loopt er weer schaapgeschoren bij. Aandoenlijk bloot en kwetsbaar in zijn rose nakie dat door het grijze dons heenschemert. Zijn kapsel is duurder dan het mijne want hij werd twee-en-half uur behandeld. Hij onderging het scheren vrolijk, alsof er tegelijk met zijn vervilte vacht een hele voorraad zorgen van hem afviel.
Vorig jaar trokken de katten zich geschrokken boven terug toen Beer zo bloot het huis binnenstapte. Ze bleven minstens tien dagen uit zijn buurt want hadden hem niet herkend. Prezen wij troostend zijn uiterlijk waarmee hij toen zeer verlegen zat, de katten spraken de waarheid en brachten hem bij hoe het werkelijk zat.
Maar na de hittegolf van vorige week was hij - mooi of niet - aan knippen toe. Hij huppelde bij thuiskomst vrolijk en kaal de keuken in waar Floris zich toevallig ophield. Die trok zijn onmiskenbare snuit van 'hebben we dit al niet eens bij de hand gehad?' en liet zich deze keer niet bedotten. Hij besnuffelde de kale kees van kop tot teen om blijmoedig te constateren dat dit toch echt de onvervalste lijflucht was van zijn enige echte Beer.
Trimster had hem in geparfumeerd sop willen stoppen vanwege zijn duidelijk waarneembare geur, maar ik heb zijn lucht altijd lekker gevonden. Je laat een stoere hond toch niet naar kunstmatige lelietjes ruiken? Dat is voor mietjes.
elisa op 06 juli 2005 om 11:24 uur