
Er drijven vandaag 24 open waterlelies in de vijver als bloemkolen zo groot. Deze overdaad is bijna ordinair en de bloemen lijken van plastic.
De houtduiven zijn kindloos gebleven. Iemand heeft tijdens onze afwezigheid de eieren of de jongen geroofd. Vroeger verging je hier van duiven maar ze beginnen bij gebrek aan nestelruimte schaars te worden.
Overigens melden de duiven zich steeds minder schuw 's-morgens op de plank. Geef ik ze niks, dan vliegen ze me later rakelings over de kop. Volgens mij betekent dit: lekkere trek!
De vis in de vijver laat zich nog steeds niet zien. Eergisteren vloog er tergend traag bij het licht van de ondergaande zon een reiger over. Hij zag niks zwemmen, hetgeen ik wel troostend vond.
Net toen ik ermee was verzoend dat alle vis een tragische dood was gestorven vanwege te zuur water, gooiden ze olie op de golven. Gister zei JW ineens: waarom deint het water daar zo? Ik zei: er ligt een zuurstofbelletjessteentje te borrelen.
Vanmorgen zie ik ineens vanaf het balkon hoe er twee het hele bad op z'n kop zetten. Dit is geen golfslag meer die door watervlooien kan worden opgewekt. Zodra ik naar beneden roetsj en dichterbij kom houden ze zich stil.
elisa op 15 juli 2005 om 14:49 uur