Half uurtje tijd

Vrijdag circusdag in Amersfoort. ‘s Morgens heeft ze eerst langdurig in bad rondgedobberd terwijl ik het kippenhok verschoonde. Vroeg de auto in want ik moest zoeken waar het was. Circus Renz. Ach hemel, heerlijke kinderpret, maar het ouderwetse circus is met al zijn glitter en glorie voorgoed ten onder gegaan. Toon Hermans treurde er al over. Ik miste de geur van zaagsel met paarden-, leeuwen- en tijdgerdrollen; ik miste de ‘Mariska’ die pirouetten draaiend van de ene paardenrug naar de volgende sprong, en de adembenemende acrobaten. Het is beter voor dier en mens, maar ik stam nog uit de tijd dat circus de hemel op aarde leek. Kijk het straatbeeld en zie hoe de glamour circuspakjes met glitters en gewaagd rokjes gemeengoed zijn geworden, vooral gedragen door minder elegante types. Maar het was leuk. Tijdens de pauze stortregende het. We besloten samen in het diepste geheim 1 grote roze suikerspin te eten. Alleen Willem mocht het weten omdat hij ook zo gek op suikerspinnen is. Zit ook in de genen, denk ik. Voor de rest: snaveltje toe en thuis meteen de mond gaan spoelen.

Zaterdagmorgen hondenmeidenwandeling. Isabel moest mee. Ze kan gelukkig enorm goed lopen want het was toch wel een uur, gedeeltelijk door regen die gladde modderplassen had gemaakt. Yoeko dik tevreden. Die konden we weer een paar uur allen op het huis laten passen. Bij toeval een trein op internet gezocht. Ja natuurlijk! Spoor in de revisie. Tussen Overvecht en Centraal geen treinverkeer mogelijk. Toch met de auto naar de stad? Gekkenwerk op zaterdag. We waren vroeg en namen een trein, in afwachting hoe we in Utrecht zouden komen. De reis viel mee, we hadden tijd genoeg om door de bomvolle stad te flaneren. Honger? vroeg ik op zeker moment. Neuje… zei ze, maar die grote zak friet met die lekkere mayo, toen we langs de Steenweg liepen. Sttt… zei ze er meteen achteraan, tegen niemand vertellen hoor! Bankje gezocht om rustig van onze zonden te genieten. Zuchtend van genot in het zonnetje het straatbeeld bekeken. Voor mij is friet ook de pest. Vervolgens naar ‘t Hoogt, waar om 13 uur de film begon. We waren er ruim op tijd. ‘Heb jij ook zo’n dorst gekregen van die friet?’, fluisterde ze. Ik knikte. Ze bestelde appelsap.

Oke, na anderhalf uur de bioscoop weer uit. Leuke film. Oma, zei ze, op de terugweg komen we langs het pierementmuseum en jij had de museumkaarten toch meegenomen? Dat had ik, voor je wist maar nooit. Ze gidste me overal doorheen want ze is er al enige malen geweest. We moesten ook naar boven om een muziekje te knippen, en naar de winkel waar we iets voor Jasper zochten maar niks konden vinden. Op weg naar het station bij V&D binnen om popcorn te zoeken voor Wouter. Hadden ze niet. De pizza’s bekeken maar niet goed bevonden als avondeten. Richting station misschien bij een van de vreetkramen? Toen werd omgeroepen dat de trein naar Weesp zou stoppen op Overvecht, waarna we aldaar een pendel richting Amersfoort konden nemen. Op naar spoor 1 waar een trein naar Den Haag ons wachtte. Huh? Weesp hadden ze toch omgeroepen?.

Kort en goed, het was dagenlang genieten. Maar nog even geen tijd om te bloggen want dadelijk komen W+V+W+J+A en ik heb nog wel e.e.a. op te ruimen voordat we met 7 aan tafel kunnen. We halen chinees, dat dat scheelt vele slokken op de borrels. Ik vrees dat de vaatwasser het heeft begeven, maar nog geen tijd gehad ernaar te kijken. Dat dan weer wel. Er zijn ergere dingen!

Telepatisch?

Het leven is verdorie niet warm meer, en evenmin droog. Maar de verwarming aanzetten is toch mijn eer te na. De weerberichten zien er ook niet leuk uit voor de komende week. Jammer, want ik hoorde vanmiddag dat als Mozes niet naar de berg komt, de berg graag naar hem afdaalt. Volkomen vreemde beeldspraak voor Isabel die voor het eerst met een ‘begeleide’ vlucht hier naartoe reist. Ammie volgt enige dagen later en dan gaan ze samen weer terug. Mooi geregeld.

Op station meer geld op m’n NS-kortingskaart laten zetten, en de medereizigerskaart aangemeld. Ingewikkelder kunnen we het niet maken. Waar is de tijd gebleven dat je aan een loket om een kaartje kon vragen en info over het perron van vertrek? En wat Utrecht betreft: hoe op betreffend perron te komen?
We zullen wel zien. Als je per auto exact op tijd moet zijn om iemand van een vliegtuig te halen wordt het ook wanhopig plannen. Eén flinke stortbui onderweg, één aanrijding of slippartij vóór je, en je bent maar zo een dik uur langer onderweg. Ik ben vrij om te kiezen. En Ies vindt de trein veel leuker, zei ze.

Voor het eerst drie eitjes tegelijk: 22, 26 en 32 gram. Het rekje raakt aardig gevuld. Leuk voor Isabel en haar twee kleine neefjes die ook een dag komen. Telepathische kipjes die hebben verstaan dat ze deze week dóór moeten drukken? Ik heb ze natuurlijk verteld dat er kleinkinderen komen die nog nooit kleine eitjes hebben geproefd. Dat wordt dus sparen want met de papsen en mamsen erbij, en voor de Yoek ook een eitje, hebben we er toch minimaal acht nodig. En ik wil zelf de komende dagen ook een eitje tussen de bam want daaraan ben ik verknocht geraakt.

Verveelt het al?

Overbodige mededeling: het giet weer pijpenstelen en straks gaat het waaien ook. Vroeg op de dag was er nog een beetje zon. Ik wist niets heerlijkers te bedenken dan mijn stoep te vegen. Yoeko zeurt om me heen dat hij wil wandelen, maar mij is het te nat.

Gisteren geweldige rode bieten gekookt door één laurierblad, twee stokjes pijpkaneel en drie kruidnagels mee te koken. ‘t Is geloof ik een Belgisch recept, maar overheerlijk, ook in combinatie met blokjes appel.

Kipjes zorgen niet meer voor mijn lunch, maar voor het avondeten. Gisteren om 13 uur niks, maar om 5 en 7 uur alsnog verrassingen in het kot. Hoogste tijd om de transparante tent-grondzeilen van de Aldi te vermaken tot afdekzeilen voor over de ren, zodat ze meer droge loopruimte krijgen.

Zuchtend alle post bijeengegrabbeld van de laatste 10 dagen. In de bus lag mijn nieuwe visa card. De oude had ik laten blokkeren. Dat geeft nog oponthoud en gedoe bij Paypal die (terecht!) wil controleren of alles wel deugt. Ze maken 1,5 euro’tje naar me over, en ook naar mijn gekoppelde bankrekening. Dat duurt een paar dagen met het weekend ertussen. Maar dan is alles weer als vanouds.

Hoofdschuddend m’n huis rondgekeken nu er buiten niet te werken valt, naar al die stapels en bergen die er nu maanden liggen. In afwachting van mensen die zouden halen of komen kijken of er nog iets leuks tussen zit. Zodra I. van gordelroos is genezen – wat best nog wel even kan duren – gaan we er met de bezem doorheen.

Kipjes zojuist valselijk beschuldigd: om 14 uur waren er twee eitjes klaar ondanks de regen. Resp van 23 en 25 gram. Zo aandoenlijk klein, zo zonder gevaar mijn cholesterol op te stuwen. In 19 dagen hebben ze 27 eitjes gelegd. De zwaarste woog 33 gram, de lichtste 21. Het opgewonden barensweeën-ritueel lijkt ook voorbij. Geen bloedveegjes meer op de schaal. Ze lijken de eitjes er nu tussen neus en lippen uit te floepen, als ik het zo mag zeggen.

Het enige wat ik nog steeds merk als ik het hok ‘s-morgens openzet en Daan staat te trappelen om te wippen, is dat de kipjes die hem anders met vreugde terwille zijn, hem van zich afsnauwen als ze een ei moeten leggen: Ja hallo zeg, kan je ff wachten want er zit een ei in me gaatje! Daan verstaat kippentaal en zoekt een ander. Het is geen gelukkig uur, want ze willen allemaal eerst graag eten. Daarna bieden ze zich van harte aan. Soms maken ze zelfs ruzie wie of er mag.

Daan is een gelukkig aanwinst geweest. De hennen hebben hem graag. Hij hoeft maar even te lokken of er komt er wel een. Als ze meewerken, wat ze vijzel altijd doen – en zo niet dan laat hij ze lopen, hoeft hij ze niet met zijn scherpe klauwen op hun plaats te houden. Ze lopen geen schrammetje op. Het liefst heeft hij Puk. Als zij plat op de grond ligt met zijn volle gewicht bovenop zich, wordt ze net een uitgedijd plakje. Ze lokt hem tegenwoordig mee naar een kuiltje om lekker klem te kunnen liggen, dan hoeft hij haar niet vast te houden. Wie niet groot is moet wel slim zijn!

Had ik het toch weer over de kippen. Verveelt het al?

Volbracht!

Voor het eerst sinds weken weer tijd genomen om sinaasappels uit te persen. Kliko op straat gezet, kattenbak verschoond, afwas gedaan. Om kwart voor acht zat ik in de ochtendzon op een stoeltje bij de kippen. Die merken in hun nachthok al wat voor een weer het is. Ze waren uitgelaten, vrolijk. Ik trouwens ook. Ik heb weer tijd om te genieten.

Mijn taak is volbracht. Net toen ik 4 pagina’s had verwijderd, kwam er nog een goed stuk kopij waarvan ik vond dat het geplaatst moest worden. Hele blad weer omgebouwd, nog een stukje bijgeschreven om een lege pagina te vullen, een ‘stoplapje’ verzonnen om het laatste gat te dichten, en toen was ik tevreden. De nagestreefde 72 blaadjes gehaald en het ziet er heel goed uit. De champagne kan open! Straks uitdraaien maken en dan zoeft het spul naar de drukker.

Het was een pittige maand. Toen ze vroegen: Háál je dat wel, alles op je eentje redigeren en opmaken, zei ik natuurlijk: ja! Beide vind ik heerlijk werk, maar er was tijdsdruk en nogal wat afleiding die ik niet had voorzien. De laatste dagen dook ik onder als een kluizenaar, hunkerend naar het einde. Maar nu het af is – zonder iets af te raffelen – heb ik een stralend gevoel. Je waardeert vrijheid pas, als je hebt vastgezeten! Aan het volgende nummer begin ik pas 13 oktober.

Teleurgesteld

Ach, ik moest toch werken dus de regen deerde me niet. Behalve dan, dat de uurlijkse pauzeminuten een stuk minder ontspannen waren. Het had amper zin naar de kippen te lopen want die schuilden onder hun hok. Om half een ging ik mijn eitje ophalen, maar dat lag er niet. Ik voelde me hevig teleurgesteld ondank het feit dat ik er nog vijf in het rekje had liggen.

Tegen drie uur klaarde het op. Ik besloot de krielen een appel te brengen. Ik stak een appel op een barbecuespies en hing hem aan het hek. Ze zijn er tuk op. Het was droog genoeg om ook even de mestladen te verschonen. Het eitje dat er eerder had moeten zijn lag zowaar in het leghok. Ook de gulle geefster was kennelijk vertraagd door het slechte weer.

Omdat ik stro in de laden moest leggen, stalde ik het ei zolang op de kleine picknicktafel. Yoeko legde zijn kop op het tafelblad, neus tegen het ei aan. Hij krijgt er wel eens een, dus hij weet wat het is. Ik zeg: afblijven hoor! en hij kijkt me met goeiige lobbesogen aan. Ik doe stro in het hok, keer me om en de tafel is leeg. Yoeko ligt in het gras, in volle aandacht met iets bezig. Tussen zijn voorpoten ligt het ei en hij likt er liefkozend over. Ik prijs hem omdat hij zo zacht in de bek is. Hij heeft het voorzichtig gedaan en het ei niet kapot gemaakt.

Om zes uur gisteravond (regen regen) trek ik tegen beter weten in, intuïtief het deurtje van het leghok open. Heel klein eitje! Duidelijk te zien dat er in de schaal is gepikt en gekrast, maar de schalen (dus het voer?) zijn van optimale kwaliteit en het ei is heel gebleven. Geen twijfel mogelijk. Moet van dwarskipje brekebeen Puk zijn die echt alles uitprobeert wat god en de mensen verbieden. Dit is haar tweede ei. Haar eerste, een week geleden, vertoonde ook al snavelsporen.