Geen paaseitjes in ‘t rek

Omdat Barbara onlangs besloot om kuikens van mijn kippen te willen, eet ik met pasen alleen de kleinste er tussen uit. Omdat er altijd onbevruchte eieren tussen kunnen zitten, en omdat er vaak meer haantjes dan hennetjes blijken te komen, moet ze toch minstens 20 eitjes krijgen (en liefst meer) die maximaal 14 dagen oud zijn. Dit wordt even zuinig sparen. En de eitjes dagelijks keren. Ik leer weer wat!
Barbara is de fokster van Yoeko en keurmeester van honden. Ze heeft vorig jaar een paar keer geholpen het kippenhok in elkaar te zetten en kwam vanuit Brabant aangereden. Zij heeft haar hele leven kippen gehad en weet hier ook alles van. Alleen heeft zij een mooi ras dat maar niet wil leggen en ze wil ook wel eens een eigen eitje eten. Van hond tot kip… ik vind het een grappig idee.

Eitjes ontdooien

Drie kleine doosjes krieleitjes had ik meegenomen naar de ‘herenlunch’ waar ditmaal ook dames mochten aanzitten. Als weduwe van… was ik uitgenodigd voor deze hoogedelachtbare bijeenkomst. Als snel bleek dat alle elf aanwezigen wel een doos eitjes wilden. De doosjes werden één voor een door de voorzitter verloot en door de winnaars geopend. Op elk eit staat altijd mijn boekouding geschreven. De heren en dames wilde weten wat al deze cijfers betekenden: volgnummer, gewicht en datum, legde ik uit. Toen vroeg er een of ik zien kon welke kip welk ei had gelegd. De grootste is van Stippel, de kleinste van Puk, en van de middelmaatjes weet ik het niet. Een van de heren nam ernstig een potlood uit zijn binnenzak. Is deze van Puk?, vroeg hij na. En schreef vervolgens de naam op het eitje. Het werd een vrolijke boel en elke plechtigheid was verdwenen.

Het ritueel van samenzang

In de loop van de morgen breekt dikwijls de pleuris uit. Drie kippen staan uit volle borst te schreeuwen en het is een herrie van jewelste. Aanvankelijk holde ik naar achteren om te zien wat er loos was. Nu weet ik dat Katje haar ei legt of net heeft gelegd. Daan houdt haar gezelschap in het hok, en de andere drie meiden staan onder aan de trap te joelen.
Katje blijft een moeizame legster, hoewel ze –net als de anderen– dagelijks haar eitje produceert. Rollen de eitjes bij de drie anderen plop! uit het gat, bij Katje gaat het nog steeds met misbaar. Daan weet feilloos hoe haar vlag staat en lokt haar, al gakkend, steeds weer het leghok in tot de plicht is volbracht. Zijn de andere dames jaloers, of leven ze aanmoedigend met haar mee?
Vanmorgen was het anders. De hele winter had ik stro in het legnest gelegd. Dit wordt ineens niet meer gewaardeerd. Daan is de hele week bezig geweest al dit stro door een kier eruit te duwen. De dames willen met hun warme buik weer op de koelte liggen. Toen ik zojuist keek, was tot het laatste strootje weggewerkt, terwijl de meiden zich onder aan de trap verdrongen om te gaan leggen.
Waarom ik kippen zo leuk vind? Ik zou het niet weten…

Marigold Hotel

Omdat ik had gelezen dat er erg veel straatbeeld uit Jaipur was te zien, heb ik de film Marigold Hotel gekeken. Het verhaaltje was mager, maar als je wilt weten hoe zo’n Indiase stad voelt met koeien, geiten, kippen, bedelende kinderen, verkeer, oploopjes, optochten en Indiërs die hoofdwiebelend ‘nee’ knikken wat ‘ja’ betekent, ongeplaveide wegen vol stofwolken, moorddadig verkeer op de hoofdweg, rikshaw’s, tuktuks en herrie, dan loont hij de moeite. Voor mij was het één groot feest van herkenning. Ook het vervallen hotel in een beeldschoon gebouw, vol kapotte meubels in de eertijds fraaie binnentuin, en duiven die in lege kamers hokten, toonden de werkelijkheid zoals ik hem daar heb gezien. This is India, madam! zei ik tegen mezelf en het werd anderhalf uur genieten.

Uitgewerkt

Steek voorzichtig mijn kop weer boven het maaiveld. Daar ben ik weer. Na het balkon kwam het blad aan de beurt dat ik opmaak. Enige weken retraîte om geconcentreerd te blijven. Aanvankelijk ging het heel vlot, maar naarmate de deadline naderde kwam er meer stress door (te) laat ingezonden kopij Omdat dit de beste verhalen waren, had ik het hart niet om nee! te zeggen.. Het blad gaat morgen precies op tijd naar de drukker en daarna mag ik genieten van tuin, zon en vrijheid.

Nu zit ik nog te wachten op een aangepaste routebeschrijving waarvan iemand behoorlijke taal zou maken. Ik zit duimen te draaien want voordat het stukje erin staat kan ik geen uitdraaien voor de drukker maken. Omdat het elke moment kan binnenkomen drentel ik onrustig heen en weer. Het heeft geen zin aan iets anders te beginnen. De omslag die ik vandaag zou maken, kwam door een geweldige brainwave gisteravond al klaar.

Twee uur geleden kreeg ik reuze zin om eens lekker warm te eten. Niet dat ik mezelf heb verwaarloosd, maar van koken kwam het de laatste dagen toch niet. De dieren houden mijn ritme erin. Yoeko heeft een ingebouwde klok en weet precies hoe laat de kipjes hun avondhapje moeten krijgen en met zijn eigen maag is ook niets mis. Heb ik het diervolk gevoederd, dan is me allang de oplossing van een werkprobleem te binnen geschoten, dat ik meteen wil uitproberen. Later op de avond voel ik pas honger en klap ik een boterham dubbel om aan mijn toetsenbord te eten. Foei!

Vanmiddag vond ik nog een bio-tartaartje in de ijskast. Kakelvers eierdooiertje er doorheen met peper en zout en twee aangebakken gesnipperde uitjes. Het werd een grote bal die ik op zacht vuur heb gebakken. Grote witlof in fijne reepjes gesneden en doorgeroerd met honing-mosterdsaus. Twee mandarijntjes in kleine stukjes erdoorheen. Buiten in de zon gegeten. Heerlijk! Liefs had ik er een glas wijn bij gedronken maar ik moet nog pixels tellen en kaders exact op hun plek zien te krijgen.
Tijdwinst was het ook, want om 4 uur eet ik mijn toetje en vanavond kan ik dan weer toe met een boterham.

De eerste dikke hommels vliegen rond. De roodborst volgt me waar ik ga. Inge heeft hem (of haar) ‘de chef’ gedoopt omdat hij altijd komt kijken waarmee we bezig zijn. Het hele erf, van voor tot achteren, stond vol met sneeuwklokjes die zich enorm hebben vermeerderd. De crocussen bloeien nu in grote plukken, op plekken waar ik ze nooit heb ingegraven. De kleine gele narcisjes van Annalie -vorig jaar pasen gekregen en na de bloei ingegraven- doen het prachtig. De mezen broeden weer in hun nestkast en de eek (de oude niet meer gezien; dit moet een kind zijn) komt regelmatig langs.

En dan de kipjes natuurlijk. Niet kunnen vermoeden dat ze zo goed zouden leggen. Ik vind vrijwel elke dag 4 eitjes. Teveel voor mij alleen, maar vrienden zijn er blij mee. De smaak is zoveel intenser dan van eieren uit de winkel. Het mooiste vind ik, om een intens warm eitje te rapen dat nog maar net gelegd is. Tot nu toe was het behoorlijk koud door de snijdende Oostenwind. Behaaglijk om in een ijskoude hand zo’n eitje te dragen. Wonderlijk genoeg lijkt de tweede hand hier ook warm van te worden.

Sterke eitjes ook, want vaak stop ik ze in mijn zakken. Op de terugweg naar het huis rommel ik wat bij de vijver, of trek ik onkruid weg. Bukken, hurken, en de vraag wat voor ‘n bobbels ik toch in mijn zakken heb want dat ben ik vergeten. Oh ja, de rauwe eitjes. Er is er nog nooit een stuk gegaan.

Wat ik het ergste zou vinden van verhuizen naar een flat? Nooit meer op mijn oude laarzen in weer en wind door het groen kunnen sloffen met ongekamde haren, in mijn oudste jek en, in de stilte van de vroege morgen, de vogels horen fluiten. Tegenwoordig ben ik om half acht buiten om het slaaphok open te doen en de kippen te voeren, de hond uit te laten en zijn hap te geven. Het laatstgekomen haantje is heel wat minder lawaaierig dan zijn mooie broertje was. Hij kraait vooral als een van de dames een ei heeft gelegd.