De koude winter van het warme bulletin#5

Screen shot 2010-03-10 at 21.06.19Het bulletin dat ik maakte is vandaag rondgestuurd. Het was al een tijdje klaar zodat ik afstand had kunnen nemen. Daardoor was het zelfs voor mij verrassend om het terug te zien. Voor de goede orde, ik maakte het niet alleen want L en J leverden teksten en ideeën.

Ik deed de vormgeving en genoot ervan. Van de idiote omstandigheid dat we elkaar in geen vijftig jaar hadden gezien. Ik kon me uberhaupt niet herinneren dat ik hen ooit was tegengekomen. Nou ja, heel vaag misschien.

Het is verrassend hoe zich tussen drie betrekkelijk vreemden het wonder voltrekt van elkaar inspireren. Malle mailtjes vlogen vrijwel elke paar uur heen en weer, soms vol liefdevol gekibbel van twee hanen die elkaar het ene uur pikten en een uur later weer omarmden. Bij dit bulletin hoort namelijk ook nog een website waarop we groenenliederen, muziek en foto’s hebben gezet. Met onvolprezen volharding verzamelde J de teksten met muziek, terwijl L zich op fotojacht begaf.

Ik zou de lange winter nooit zo energiek zijn doorgekomen als ik deze twee andersdenkenden niet was tegengekomen. Hiemee bedoel ik typen die associatief en vrijer denken dan hun gemiddelde soortgenoten. Dit is derhalve een ode aan gezeonde creativiteit met een flinke dosis humor.

Tjilp! en 2 x bomen: Beeldschone iPhone apps

Er is een gratis versie om te kijken of de betaalde versie van Tjilp! je bevalt. Je kunt je de moeite besparen. De demo geeft maar zo weinig plezier dat hij eerder ontmoedigt dan animeert. Tjilp! is een prachtig gemaakte vogelapplicatie voor 2,39 euro die naast Frans, Duits, Engels en Zweeds ook Nederlands biedt. Het is een vogelgids met geluid, dat is het bijzondere ervan. De vogelfoto’s zijn fantastisch en de bijbehorende geluiden kraakhelder. Een gedrukte vogelgids kan niet leerzamer zijn en Je hebt deze gids altijd op zak.

Baumbestimmung (1,59) en Baumld Deutschlands (2,99) zijn twee totaal verschillende applicaties om bomen te determineren. Welliswaar Duits, maar voor een beetje liefhebber toch wel erg bruikbaar door de vele foto’s en plaatjes. ik zou eigenlijk niet weten welke ik leuker vind en heb ze voorlopig beiden op m’n iPhone gezet.

Die Duitsers kunnen er wat van. Ze hebben voor 79 cent ook een vlindergids “Butterflies” uitgebracht met wondermooie foto’s. Alleen zijn de namen zo vreselijk Duits dat dit voor de meesten van ons problematisch wordt. Hetzelfde geldt voor de “Nature Lexicon: Vogelstimmen-Trainer” die 9,99 kost. Ziet er wondermooi uit maar is alleen in het Duits te koop. Jammer!

De zon, de zang en het licht

Ook die sneeuw gezien vanmorgen? Alsof die op een andere planeet thuishoorde. Ook die walging gevoeld toen het daarna begon te regenen. Maar kort daarop ging de zon ineens schijnen. Misleid door de gouden stralen naar buiten gelokt zonder sjaal en handschoenen en bibberend mijn loopjr door het bos gemaakt.

Kom mij niet aan met gezonde frisse lucht in deze tijd van bloeiende hazelaars en berken. ‘t Is dat ik moet van mijn hond want anders bleef ik lekker achter de ruiten zitten stinken. Nu ga ik als gezelschapsdame mee met koekjes in mijn linkerzak om mijn ongecastreerde reu op gezette tijden bij me terug te lokken.

De eerste vijfhonderd meter schik ik mij in mijn lot. Ik heb zelf een hond gewild, eigen schuld dikke bult. Dan vangen mijn oren de eerste lentezangsels op van de vogels, knipperen mijn ontstoken ogen tegen het felle licht, maar voel ik wel de heerlijkheid dat het licht weer zo licht is geworden. Lichttherapie, dat is het wonder van deze dagen, koud of niet.

Hoe tijdelijk af te kicken van het intensieve geschrijf?

Over een maand moeten we nog één keer in actie voor een laatste stunt. Daarna is het gebeurd. Dan mag ik voorgoed afkicken van de stress, de mannen en hun gejaag (de een) en perfectionisme (de ander).

Vorige week leken vier vrije weken tussendoor me nog heerlijk, maar nu al begin ik de dagelijkse mailtjesstroom met alle gedoe en grappen te missen. Niet dat ik me hoef te vervelen. Ik heb net het verzoek gekregen een serie over iWeb schrijven. Maar dat is een brave kluizenaarsklus waarbij niet veel te lachen valt.

Daar komt nog bij dat ik vorige week abrupt werd teruggezogen in mijn vroegere schrijfbestaan. Een van mijn tweetal wees me er op dat het Nationaalarchief in samenwerking met de NRC op 1 mei een magazine uitgeeft waarin de mooiste oorlogs- en bevrijdingsverhalen komen. Aan het werk, zei hij, hup hup hup! want ik ben van 40 en heb die bevrijding meegemaakt. Zo te meer ik in het verleden begon te graven, zo te meer herinneringen kwamen boven.

Uiteindelijk schreef ik een verhaal van 1500 woorden. Onhandelbaar voor mogelijke publikatie. Twee dagen lopen piekeren en, mede op advies van mijn inspirator, geheel opnieuw begonnen. Emoties uitgebeend en alle overtolligs weggesneden. Een pijnlijk proces want het is toch je eigen leven waarin je loopt te opereren. Er bleven 500 woorden over. Het verhaal was er sterker door geworden.

Het was zo’n intensief proces dat ik nu even in een gat gedonderd ben. Ik besef ook best dat het elkaar inspireren niet altijd zal blijven duren. Maar goed, dan komt er wel iets anders op mijn pad. En, wie weet, dat deze vakverbroedering nog een tijd kan blijven duren want het serieuze schrijven is me goed bevallen.

Een supergezond lijf met een foute kop erop

Misschien heb ik hier volgend jaar iets aan, vandaar dat ik maar log dat ik door de bloeiende berken een allergische bindvliesontsteking heb opgelopen. Ik wist niet eens dat het bestond. Het is ook niet erg, maar wel verdraaide lastig.

Na hoogstens een kwartiertje tikken beginnen de letters door elkaar te zweven als muggen op een zwoele zomeravond. Moet ik gaan druppelen en een tijd ontspannen. Ik heb al eens eerder gezegd dat ik over een supergezond lijf beschik maar dat er een foute kop op staat. Alle pollen waaien bij me binnen en aangezien in de kop alle zintuigen liggen (ruiken, horen, zien, voelen, proeven) ben ik mooi het haasje.

Voor de rest mankeer is zelden iets.

De zanglijster zier eruit of hij barst van de kou

Vanmiddag zat de zanglijster op de voederplaats. Ik had hem de hele winter niet gezien. Ik vermoed dat hij warm heeft overwinterd en nu is teruggekomen. Heeft hij mooi pech want het gaat weer vriezen. Hij ziet eruit of hij barst van de kou.

Hoewel ik dol op de zang van de merels ben, spant de zanglijster voor mij de kroon. Hij zit bij voorkeur in de hoogste top van de douglasspar en kan daar uren bezig blijven met zijn drievoudig herhaalde strofen. Ook bij zonsopgang is zijn stem net even helderder dan die van de merels. Je hoort hem overal bovenuit.

Er zijn momenteel twee eekhoorns druk in de weer. De een komt via de achtertuin bij de notenkist, de andere via de voortuin. Beiden pikken ze wat ze pakken kunnen om het de buit zo snel mogelijk in te graven. De tijd nadert dat ze jongen werpen – of misschien zijn die er al. In dat geval is het handig om de noten dicht bij het nest te hebben. Het kan zijn dat ik er overheen kijk (zou niet de eerste keer zijn) maar ik heb nog geen nest gezien.

Het verhaal schreef mij toen ik er eenmaal aan was begonnen

Dat was een forse klus. Een verhaal van 1500 woorden terugbrengen naar 500. Schrappen, breken, hakken, in het begin. Heb er een hele dag tegenaan gesputterd. Eerst tegen het verhaal zelf, toen tegen de vriend die in zijn jongere leven docent journalistiek was.

Geen gezeur, zei hij. Kan je best. Niet knippen en plakken maar helemaal opnieuw beginnen. Ik kreeg het gevoel of ik examen deed; begon zelfs last van faalangst te krijgen. Onzin, zei hij. Geen examen, hoogstens huiswerk. Niet zeuren maar doen.

Kont tegen de krib. Ben ik nou bezig met zelfkwelling? Niemand die me dwingt. Ik kan er zo mee stoppen. Niettemin de kiezen op elkaar omdat het mijn eer te na was. Toen rolde de eerste zin naar buiten en ik keek er verwonderd naar. Want toen ik eenmaal was begonnen schreef het verhaal zichzelf. Rolde het een andere kant uit dan ik had bedacht, waren er andere personages, ontstond er een ander plot.

Quite moving, raak! was de reactie. Leuke oefening.

De foto die mijn leven nog wel even blijft beheersen

TippararyOnbekend uit welk jaar deze foto stamt. Onbekend wie deze foto heeft genomen. Hoe oud zou ik hier zijn? Een vriend, geïnteresseerd in oorlogsmateriaal, schreef:
Mij lijkt: meisje van rond 5. En dat kan ook kloppen, toch? Ontroerende foto, ik vermoed een Canadese soldaat.Waxcoat! Amper 18 jaar, babyface. Hij zal nu 83 zijn… (je kunt hem opsporen als je wilt, met foto maar zonder naam is dat doenlijk).

De man met de hoed vlak boven mijn hoofd, gespiegeld in het raam, is mijn grootvader. Mijn vader was nog ondergedoken. De vage vrouw achter het raam is mijn moeder. Het huis is van een oudtante, waar we onder de oorlog vaak kwamen.

Nóg een opvallend detail, vervolgt de vriend: de militair houdt met de rechterhand zijn geweer (Lee Enfield?) vast, links jou. Meestal zijn soldaten vrijwel ongewapend in zo’n vriendelijke scène, wapens uit beeld. De jongen lijkt daar op wacht te staan, voor een woonhuis? Of deed hij het opzettelijk zo, begreep hij hoe het er uit zag? Aan zijn lachje te zien wel, geen domme jongen. Hij heeft drie strepen op zijn mouw, onderofficier? Geen landteken zichtbaar, maar draagt geen pistool. Wel kogeltassen op de borst. Het lijkt al een beetje vredestijd, dus daar najaar 1944?
Zou hij die foto hebben gekregen, opgestuurd naar Mom?

Met heimwee naar sneeuw ongewassen zitten stinken bij de kachel?

Toen ik vanmorgen mijn ogen opsloeg, de regen tegen de ruiten hoorde kletteren, de lucht grijs door de kier in de gordijnen ontwaarde, kreeg ik heimwee naar sneeuw. Ook al riep ik de laatste keren dat ik geen sneeuw meer kon zien. Het onmogelijke inziend van dit verlangen zocht ik koortsachtig naar een vorm van troost en compensatie. Daarop besloot ik om mij vandaag niet te wassen, in oude kleren te stappen, de hele dag in dikke sokken naast de kachel te blijven stinken en eindelijk de verhalen eens af te schrijven die nog op stapel staan. Uw wens is mij een bevel, mailde L vorige week aan J. Ik vond dit een prachtige zin en hield hem erin. Ik sprak hem dan ook uit tegen mezelf.

Alles verliep volgens plan. Zelfs de hond had telepatisch doorgekregen dat er niet gewandeld zou worden. Ik at mijn bammetje sambal-kaas, werd volgens Chinese voedingsregels prettig opgewarmd, keek naar buiten waar de regen met bakken de lucht uitkletterde, duwde de warme hondenkop van mijn knieën en sprak: Kom Kees, we gaan!. Al was het maar, zo hield ik mijzelf voor, om de status van mijn wax coat uit te testen. Nou, die lekt zonder erbarmen en niet te weinig ook. We liepen voldoende ver om geheel verkwikt en gepoedeld thuis te komen. Terwijl ik mijzelf toch had gezworen binnen te blijven. Soms snap ik m’n eigen toch werkelijk niet.

Verliefd op hun hazelaars, walnoot- en tame kastanjebomen.

Vanmiddag eindelijk naar Nunspeet gereden om een walnootboom te halen. We hadden hem al maanden terug aan A&E cadeau willen doen vanwege hun verhuizing en de ziekte van E. Maar op het einde van de zomer leerde de kweker ons dat de noot eerst zijn blad moest verliezen voordat hij verkast kon worden. En toen zijn blad tenslotte was gevallen kregen we die eerste nachten met zware vorst van een graad of 10. Ik kreeg de boom niet mee! De kweker bleek zorg te hebben voor zijn groene kinderen.

Kwekerij “De Smallekamp” blijkt een tweemansbedrijf met een uit de hand gelopen hobby. Je kunt beter spreken van een grote liefde. Er staan 50 verschillende soorten walnootbomen, alles zelf geënt, veredeld en opgekweekt. De zelfbestuivende zeer winterharde langzame groeiers voor in kleine tuinen dragen al na drie jaar vrucht, maar er zijn ook soorten met grote kronen die veel schaduw geven, of bomen die hartvormige noten dragen.

We werden door een enthousiate eigenaar rondgeleid over het terrein. Hij vertelde talloze wetenswaardigheden over herkomst en verzorging. We leerden in dat uurtje meer dan we uit twintig boeken hadden kunnen lezen en hadden een welbestede middag. Voor wie een beetje tuin heeft en een boom voor het leven wil planten is dit de aangewezen kweker. Behalve walbomen heeft hij ook tamme kastanjes en hazelnoten. Wel tevoren bellen om te vragen wanneer je langs kunt komen. ‘t Is even rijden, maar dan heb je ook wat.

←Older